Afdrukken
 
SITEMAP SEARCH MAILING LIST CONTACTEN FR NL EN     

  

 Dividenden 

 Fiscaliteit 
Slotkoers 7/2/2012: 56.22
   

Fiscaliteit

Onderstaande rubriek vormt een overzicht van het fiscale stelsel met betrekking tot de dividenden en obligatie-inkomsten die door GBL worden uitgekeerd. Wij hebben geprobeerd een zo volledig mogelijk overzicht te geven, maar uiteraard is het onmogelijk hier de volledige fiscaliteit in al haar specificiteiten te benaderen. Indien u nog verdere inlichtingen of nadere gegevens wenst, verzoeken wij u een specialist te raadplegen.

Fiscaal stelsel van de dividenden
met betrekking tot de roerende voorheffing
met betrekking tot de belasting van de natuurlijke personen
met betrekking tot de vennootschapsbelasting
met betrekking tot de belasting van de rechtspersonen
met betrekking tot de belasting van de niet-ingezetenenen 
   
Fiscaal stelsel van de obligatie-interesten
met betrekking tot de roerende voorheffing
met betrekking tot de belasting van de natuurlijke personen
met betrekking tot de vennootschapsbelasting
met betrekking tot de belasting van de rechtspersonen
met betrekking tot de belasting van de niet-ingezetenen 
   

Fiscaal stelsel van de dividenden met betrekking tot de roerende voorheffing   ()

De dividenden ter betaling gesteld door een Belgische vennootschap zijn, in principe, onderworpen aan een roerende voorheffing die aan de bron wordt ingehouden.

De aanslagvoet van de roerende voorheffing is vastgesteld op 25% (gewone aandelen).

Er bestaat evenwel een verminderde voorheffing van 15%: 

  • wanneer het dividend afkomstig is van aandelen of deelbewijzen uitgegeven sinds 1 januari 1994 in het kader van een publiek beroep op het spaarwezen; en
  • in zover de vennootschap die dit dividend toekent niet onherroepelijk afziet van het voordeel van deze verminderde voorheffing van 15%. In geval van afstand bedraagt de roerende voorheffing 25%.


GBL heeft beslist de sinds 1 januari 1994 uitgegeven aandelen te laten genieten van de verminderde roerende voorheffing van 15% (VVPR-aandelen, waarbij VVPR staat voor Verminderde Voorheffing Précompte Réduit).

In mei 1996 heeft GBL, overeenkomstig de geldende wetgeving, de "stripping" doorgevoerd met het oog op een optimale liquiditeit van al haar maatschappelijke aandelen waarbij tegelijkertijd aan de aandeelhouder het voordeel van de verminderde roerende voorheffing werd geboden.

In de praktijk betekent dit dat een aandeelhouder die van de verminderde roerende voorheffing van 15% wenst te genieten twee coupons dient te bezitten en die bij de inning tegelijkertijd dient voor te leggen. Het betreft met name : 

  • de coupon van zijn aandeel (gewoon of  VVPR)
  • de VVPR-strip.

Is dit niet het geval, dan zal op het ter uitbetaling aangeboden dividend de normale roerende voorheffing van 25% worden ingehouden.

Fiscaal stelsel van de dividenden met betrekking tot de belasting van de natuurlijke personen   ()

Voor de inwoners van het Koninkrijk van België is deze roerende voorheffing van 25% of 15% in principe bevrijdend van de belasting van de natuurlijke personen.

In het kader van het pensioensparen vormen de dividenden, geen belastbare inkomsten wanneer ze toegekend zijn aan instellingen erkend voor het beheer van collectieve spaarrekeningen voor collectieve belegging of aan de houders van een individuele spaarrekening voor de tegoeden erin belegd. Deze inkomsten zijn derhalve vrijgesteld van de inhouding van de roerende voorheffing.

 

Fiscaal stelsel van de dividenden met betrekking tot de vennootschapsbelasting   ()

Ook hier geldt de inhouding van de roerende voorheffing van 25% of 15 %.

Ten belope van 95 % van hun nettobedrag, verhoogd met de ingehouden roerende voorheffing, zijn de door deze belastingplichtigen ontvangen dividenden van hun belastbare winst aftrekbaar in voorkomend geval, in zoverre

1° op de datum van toekenning of betaalbaarstelling van deze inkomsten, de vennootschap die de inkomsten verkrijgt in het kapitaal van de vennootschap die ze uitkeert, een deelneming bezit van ten minste 10% of met een aanschaffingswaarde van ten minste 2.500.000 EUR ;

2° deze inkomsten betrekking hebben op aandelen die de aard van financiële vaste activa hebben en gedurende een ononderbroken periode van ten minste één jaar in volle eigendom worden of werden behouden.

De roerende voorheffing wordt normaal verrekend met de vennootschapsbelasting.

Geen enkele roerende voorheffing wordt berekend indien ingezeten vennootschap die van het dividend geniet gedurende een ononderbroken periode van één jaar een deelneming van ten minste 10 % in het kapitaal van de schuldhoudende vennootschap in handen heeft gehad.

 

Fiscaal stelsel van de dividenden met betrekking tot de belasting van de rechtspersonen   ()

Voor de aan de belastingsplichten onderworpen rechtspersonen is de roerende voorheffing verschuldigd tegen een aanslagvoet van 25% of 15 %. Deze voorheffing vormt de definitieve belasting voor hen. 

De dividenden betaald aan de staat en zijn ondergeschikte besturen zijn vrijgesteld van de inhouding van een roerende voorheffing.

 

Fiscaal stelsel van de dividenden met betrekking tot de belasting van de niet-ingezetenen   ()

Ook voor de niet-inwoners van het Koninkrijk van België (zowel de natuurlijke als de rechtspersonen), onderworpen aan de belasting van de niet-ingezetenen, is de roerende voorheffing tegen een aanslagvoet van 25% of 15% verschuldigd, onder voorbehoud van de vrijstellingen of verminderingen voorzien door de internationale overeenkomsten afgesloten met het Koninkrijk België ter voorkoming van de dubbele belasting.

Er wordt evenwel volledig verzaakt aan de inning van de roerende voorheffing wanneer de begunstigde: 

  • een niet-ingezetene spaarder is die geen onderneming leidt of geen winstgevende bezigheden uitoefent en die vrijgesteld is van elke vorm van belasting op de inkomsten in het land waarvan hij ingezetene is ;
  • een erkend Belgisch beleggingsfonds is waarvan de intekening op de aandelen voorbehouden is aan diezelfde niet-ingezetenen en waarbij de aandelen op naam zijn;
  • een moedervennootschap van een andere lidstaat van de Europese Unie is, op voorwaarde dat deze vennootschap gedurende een ononderbroken periode van ten minste één jaar een deelneming van ten minste 10% in het kapitaal van de dochtervennootschap in handen heeft gehad.


DIE HET VOORDEEL INROEPEN VAN DE
OVEREENKOMSTEN TOT VOORKOMING VAN DUBBELE BELASTING

Inleidende opmerkingen:

GBL heeft kennis genomen van de moeilijkheden waarmee de aandeelhouders worden geconfronteerd wanneer ze de rechten inroepen waarop ze, ingevolge de loutere toepassing van de overeenkomsten tot voorkoming van dubbele belasting (afgekort OVDB) nochtans aanspraak hebben. Daarom wordt hierna een samenvatting gegeven van de regels die dienaangaande van toepassing zijn.
GBL wenst te onderstrepen dat de vennootschap alle wettelijke verplichtingen dienaangaande nauwgezet naleeft en niet in aanmerking komt voor enige afwijkende regeling, noch een gunstmaatregel van enige aard geniet.

1. Wanneer GBL een dividend uitkeert, moet zij roerende voorheffing inhouden (afgekort RV). In het Belgisch intern recht bedraagt het tarief van deze RV:

  • 25% voor een “gewone” coupon;
  • 15% voor dezelfde coupon met VVPR-strip.

2. Wanneer een aandeelhouder, niet-inwoner, een dividend int, bepalen de tussen België en de woonstaat van die aandeelhouder gesloten OVDB’s – meestendeels – dat het tarief van de RV verminderd wordt tot 15%, 10% en zelfs 5%.

Daartoe moet die aandeelhouder alleszins een “formulier 276 DIV” voorleggen, dat door de bevoegde fiscale autoriteiten van zijn woonstaat behoorlijk is “geviseerd”.

3. Met het oog daarop hebben de fiscale autoriteiten twee procedures ingevoerd.

3.1. Procedure “onmiddellijke vermindering aan de bron” (met medewerking van GBL)

Bij de betaalbaarstelling van het dividend wordt de RV volgens het Belgisch intern recht “onmiddellijk aan de bron” verminderd tot het door de OVDB voorziene percentage.

Deze werkwijze, toegepast onder de verantwoordelijkheid van GBL, houdt in dat GBL, uiterlijk de 10de dag na de dag van de betaalbaarstelling van het dividend, in het bezit moet zijn van het formulier 276 DIV.

Na het verstrijken van voormelde termijn kan deze werkwijze niet meer worden toegepast, maar komt de aandeelhouder, niet-inwoner, nog wel in aanmerking voor de procedure “terugbetaling van de teveel ingehouden RV”.

3.2. Procedure “terugbetaling van de teveel ingehouden RV” (zonder medewerking van GBL)

Bij de betaalbaarstelling van het dividend, draagt de aandeelhouder, niet-inwoner, de RV tegen het tarief van het Belgisch intern recht, hetzij 25% of 15%.

Vervolgens stelt hij de procedure “terugbetaling van de teveel ingehouden RV” in, door het formulier 276 DIV toe te sturen aan het Belgisch “CTK Brussel Buitenland” (Huidig adres: Centraal Taxatiekantoor Brussel Buitenland, (North Galaxy B7) Koning Albert II laan, 33 bus 32 te 1030 Brussel). Dit formulier moet, in de regel, binnen de drie jaar vanaf 1 januari van het jaar van de betaalbaarstelling van het dividend worden ingediend.

In dergelijk geval komt GBL volstrekt niet tussen en is bij de ingestelde procedure geen betrokken partij. Deze procedure wordt uitsluitend tussen de aandeelhouder, niet-inwoner, en de Belgische Fiscale Administratie afgehandeld.

Fiscaal stelsel van de obligatie-interesten met betrekking tot de roerende voorheffing   ()

Op grond van de huidig geldende fiscale wetgeving is een onroerende voorheffing van 15% verschuldigd op de inkomsten uit obligaties.

 

Fiscaal stelsel van de obligatie-interesten met betrekking tot de belasting van de natuurlijke personen   ()

Voor de inwoners van het Koninkrijk van België is deze voorheffing in principe bevrijdend van de belasting van de natuurlijke personen.

In het kader van het pensioensparen vormen de dividenden, geen belastbare inkomsten wanneer ze toegekend zijn aan instellingen erkend voor het beheer van collectieve spaarrekeningen voor collectieve belegging of aan de houders van een individuele spaarrekening voor de tegoeden erin belegd. Deze inkomsten zijn derhalve vrijgesteld van de inhouding van de roerende voorheffing.

 

Fiscaal stelsel van de obligatie-interesten met betrekking tot de vennootschapsbelasting   ()

De inhouding van de roerende voorheffing van 15 % is eveneens van toepassing, onder voorbehoud van de voorziene vrijstellingen ten gunste van de financiële instellingen en de ermee gelijkgestelde ondernemingen die aan bepaalde voorwaarden voldoen. Zo dienen de obligaties op naam ingeschreven te zijn bij GBL gedurende de hele periode waarop de interesten betrekking hebben.

In principe 

  • zijn de geïnde interesten, eventueel verhoogd met de roerende voorheffing, onderworpen aan de vennootschapsbelasting;
  • wordt de ingehouden roerende voorheffing verrekend.

 

Fiscaal stelsel van de obligatie-interesten met betrekking tot de belasting van de rechtspersonen   ()

De belastingplichtigen onderworpen aan de belasting van de rechtspersonen zijn momenteel een roerende voorheffing op deze interesten van 15 % verschuldigd. Deze voorheffing vormt hun definitieve belasting. De interesten betaald aan de parastatale socialezekerheidsinstellingen of aan de ermee gelijkgestelde instellingen zijn vrijgesteld van een inhouding van de roerende voorheffing op voorwaarde dat zij aan bepaalde voorwaarden voldoen. Zo moeten de obligaties gedurende de ganse periode waarop de interesten betrekking hebben :

  •  op naam ingeschreven zijn bij GBL;
  • of, indien zij aan toonder zijn, in België in open bewaargeving worden gegeven bij een financiële instelling onder controle van de Commissie voor het bank- en financiewezen.

 

Fiscaal stelsel van de obligatie-interesten met betrekking tot de belasting van de niet-ingezetenen   ()

Ook voor de niet-inwoners van het Koninkrijk van België (zowel de natuurlijke als de rechtspersonen), onderworpen aan de belasting van de niet-ingezeten is de roerende voorheffing tegen de huidige aanslagvoet van 15% verschuldigd, onder voorbehoud van de vrijstellingen of verminderingen voorzien door de internationale overeenkomsten afgesloten met het Koninkrijk België ter vermijding van de dubbele belasting.

Er wordt evenwel volledig verzaakt aan de inning van de roerende voorheffing wanneer de begunstigde een niet-ingezetene is die aan bepaalde voorwaarden voldoet, met name de inschrijving op naam van de obligaties bij GBL gedurende de ganse periode waarop de interesten betrekking hebben.

© 2002 GBL. Waarschuwing